Radiotoespraak van Prof. J Kamphuis

 

Straks komt nog een 2de punt…

Er staat van dominee J. Versteegt, Nieuw Loosdrecht, dat hij kampgevangene werd van Bergen-Belsen, ziet u dat staan? Kampgevangene in Bergen-Belsen

Hij verzwakte erg, maar leeft nog wanneer de bevrijders arriveren en hij overlijdt in een hospitaal in Hildesheim op 29 juni 1945.

Dominee Versteegt is gevangen genomen, de eerste keer van 26 september 1940 tot 12 december 1940 en toen heeft hij in het Oranjehotel in Scheveningen gevangen gezeten. Daar kwam hij ‘kapot’ uit. Geknakt. Zwaar overspannen. Toen heeft hij een paar maanden niet gepreekt. Toen heeft hij weer gepreek… en toen hij op 13 september 1942 in Amersfoort preekte – de preek ging over Romeinen 8, dat God alle dingen doet medewerken ten goede voor degenen die tot Zijn heerlijkheid geroepen worden – Toen is hij verraden door een kerkganger en weer gearresteerd. Eerst in Amersfoort. Daar is hij afgebeuld. En toen in Vught. En toen in Saksenhausen. En toen in BergenBelsen. En daar is hij bevrijd dor de geallieerden en kort daarna gestorven in Hildesheim.

 

Ik weet dat zo goed, want ik ben een catechisant van dominee J. Versteegt. En ik heb bij hem belijdenis van het geloof gedaan. In Nieuw-Loosdrecht. Hij is mijn dominee geweest. En ik heb dat dus allemaal van heel dichtbij meegemaakt. Hij was een ‘artikel 8-ter’. U weet wat dat betekent… artikel 8… dat je geen academische studie hebt gehad, maar dat je vanwege singuliere gaven, zoals dat vroeger in artikel 8 stond, zonder studie naar het eh… predikant kunt worden. We hebben dat nóg altijd in artikel 8 als mogelijkheid.

 

Hij kwam van de grote vaart. Dominee Versteegt. U zult zeggen: dat heeft weinig te betekenen voor die jaren ’40… mag ik even m’n gang gaan… Hij kwam van de grote vaart. En dat merkte je ook nog altijd aan dominee Versteegt, hij was ruig. Ook op de kansel in z’n spreken was ie behoorlijk ruig. Hij kwam uit het Zuid-Hollandse. En eh… hij droeg de mystiek van ‘De Waarden’ (Alblasserwaard en de ‘waarden’) de mystiek van ‘de waarden’ droeg hij met zich mee. Ik heb hem zien vechten tegen de Avondmaalsmijding die in Nieuw-Loosdrecht heel sterk was. Want de dood des Heren moest verkondigd worden, maar zelf zat hij zo vast in dat subjectivisme.

 

Zelf dreef hij zo op ervaringen… vaak. Goed… ik heb bij hem catechisatie gevolgd… en bij hem belijdenis gedaan. Ik kende hem dus van heel dichtbij. Ik heb hem ook een keer op huisbezoek meegemaakt. Toen had hij op de kansel gezegd – neemt u mij de ‘ruige taal’ niet kwalijk, ’t is ‘zijn’ taal die ik hem achteraf niet kwalijk neem, maar die wel ‘ontdekkend’ was – Toen had hij op de kansel gezegd: Onze kinderen… en nu ben ik, broeders en zusters… nu ben ik in het hart van de dogmatische kwestie van de jaren ’40. “Onze kinderen…. - zei dominee Versteegt vanaf de kansel – worden geboren in het voorportaal van de hel”. En daar hóórt u het subjectivisme. Daar hóórt u ook hoe… hoe… dominee Versteegt van de positie van de kinderen in het verbond niks begreep.

 

Nu was het zo… bij ons thuis – wij waren met z’n vieren… kinderen… en er waren er drie… drie kinderen waren er jong gestorven. Mijn vader telde altijd vier… en drie… dat is zeven. En na die preek over ehmmm… onze kinderen die geboren worden in het voorportaal van de hel… na die preek kregen wij huisbezoek. Dominee Versteegt en een ouderling. En ik hóór mijn vader nóg zeggen – in alle openheid en ook in alle zachtheid – dat en dat is gezegd vanaf de kansel…maar wij hebben drie kinderen in de hemel! Ze zijn niet geboren in het voorportaal van de hel. Ik heb ze – zei vader – ik heb ze wel meegegeven van Adam af: de doemwaardigheid. Maar ze zijn in Christus geheiligd. De Middelaar van het verbond. Waar professor Greijdanus al als jong dominee daarvoor al goed over gesproken heeft. Ze zijn in Christus geheiligd! En daarom mág ik niet eens twijfelen. Dat zij in hemelse heerlijkheid zijn. Nu… dáár heb ik geleerd, dáár in die huiskamer… daar heb ik geleerd wat het verbond is. En de rijkdom van de positie van de kinderen van de gelovigen. In het verbond van de genade onder de zegen van de Middelaar van het verbond. Dat was dominee Versteegt…

 

Maar toen werd het najaar 1939, voorjaar 1940 en de NSB was komen opzetten… en de dreiging van Duitsland kwam opzetten… en dominee Versteegt had een felle haat tegen het nationaal-socialisme. En dat verborg hij ook niet. En dan was er ook weer die ruige taal van de man van de grote vaart… die dan vanaf de kansel kwam. Toen kwam 10 mei 1940. En ik zie hem nog worstelen met God – om zo te zeggen – van de kansel. En toen verscheen “De Reformatie’ weer! Een aantal weken nadat de Duitsers Nederland bezet hadden. En die stem van K. Schilder… “De schuilkelder uit… de uniform aan!” Tegen dat geestelijk in bezit genomen worden door het nationaal-socialisme. Onbevreesd!

 

Ik heb geschetst dat dominee Versteegt uit de mystieke hoek kwam. Maar hij hóórde die stem van Schilder! En hoe machtig die stem toen doorwerkte! In die paar maanden dat hij toen nog gepreekt heeft in 1940… Vandaar dat ik dat vertelde. En die paar maanden later… die… dat jaar later… dat hij in 1941-1942 weer gepreekt heeft… Dominee Versteegt is vlak na de bevrijding gestorven…  En hij heeft in zijn tijd de Raad Gods gediend… we kunnen dus niet zeggen: hij zou vrijgemaakt geworden zijn… misschien was tie wel helemaal niet vrijgemaakt geworden… als hij voor de keuze gesteld was… Maar waar het mij om gaat is: de schets gaat over wereldoorlog en kerkstrijd.

 

Nu: wij hebben in onze jonge tijd… hebben wij gezien hoe dat samenhing. Wereldoorlog en kerkstrijd. Ik heb het – om zo te zeggen – heel existentieel gezien! In de verandering die zich voltrok in de prediking van dominee Versteegt. Want toen hij dat geluid van Schilder hoorde tegen het nationaal-socialisme… toen ging hij ook De Reformatie lezen. Toen ging hij verstaan wat heilsgeschiedenis was. En wat heilshistorisch preken was. Toen zag je opeens die preken loskomen! Toen zag je met macht van het verbond, met de macht van het Woord Gods prediken tegen die geestelijke gevaren van het nationaal-socialisme. En Romeinen 8: alle dingen werken mede ten goede dergenen die door God geroepen worden tot zijn heerlijkheid… Nu: dat is ook waar geworden bij dominee Versteegt.

 

Dat is het eerste dat ik u autobiografisch vertellen wilde…  Ik heb u dat willen vertellen omdat… om een paar dingen… Omdat men vaak het doet voorkomen alsof de vrijmaking om zulke zakelijke dingen zou zijn gegaan… Waarachtig niet! Om existentiële dingen! Wie is de Koning van de kerk?! En de Koning is een Middelaar… Nou… dat is toch machtig van het Gereformeerde kerkrecht…! Wat is nou machtiger? De Koning is een Middelaar.. de Koning is een Borg! En daarom staan wij ervoor… Daarom staan wij voor Zijn heerschappij! En dat is genadeheerschappij! En daarom is het goed in de kerk! En daar ‘schuilen’ – Psalm 2, het slot… die mooie berijming die wij tegenwoordig hebben – en daar ‘schuilen’ ook de kinderen! En daar staan wij voor! En dat is maar niet ‘wat zakelijks’ … Of dat is ook maar niet iets, broeders en zusters, wat je tot verleden tijd kunt verklaren… van: ’t is zo lang geleden. Het is niet ‘lang geleden’ dat de Here Jezus in de troon van God zit. ’t Is ‘presens’! Christocratie! Dat is altijd presens!  Nu, dat is één autobiografische notitie en een 2de autobiografische notitie… 2de en een 3de nog kort…

 

In ’42 ben ik Kampen gekomen…toen was net prof. K. Schilder ondergedoken. Ik was dus aankomend student in Kampen. Ik heb toen prof. K. Schilder niet meegemaakt. Ik heb wel meegemaakt –en dat is dus ook heel existentieel – hoe… terwijl prof. K. Schilder ondergedoken was, de hoogleraren, behalve dan professor Greijdanus en behalve ook dr. R.J. Dam de lector… hoe de hoogleraren een gesloten front maakten… tegen K. Schilder. Ik heb dus op college propadeuse, de eerste-jaars-colleges, meegemaakt hoe een hoogleraar uitvoerig polemiseerde tegen K. Schilder. En we hebben… - en ik heb daar ook een boekje over geschreven- we hebben toen… juist in die tijd een redevoering van J.H. Bavinck, de zendingshoogleraar meegemaakt die over “De toekomst onzer kerken” sprak, en ernstig waarschuwde tegen de ‘nieuwe richting’. En dat was de richting van K. Schilder. Er werd een gesloten front gemaakt. Toch is de vrijmaking doorgebroken. En van de vrijmaking… van die vrijgemaakt gereformeerde kerken, broeders en zusters, is te zeggen… toen… - jaren ’40 – en nu… het zijn altijd ‘bedreigde kerken’. Aangevochten kerken. Dat kan nooit anders zijn als je leeft onder de christocratie. Dat kan nooit anders. Want de satan zoekt de Christus. Ja… het zal waar zijn! De satan zoekt de Christus en zijn heerschappij. Zijn heerschappij door zijn woord.

 

Nu… dat heb ik ook meegemaakt als jong dominee. Ferwerd was m’n eerste gemeente en Hallum. En daar was ik consulent van Oude en Nieuwe Wiltzijl. Ferwerd 80 zielen… Hallum 80 zielen… en Oude Wiltzijl 40 zielen. En toen kwam de B.R. Bos-actie. U heeft ervan gelezen in de schets. Als de 1ste aanval op de vrijmaking. Nou… ik heb het meegemaakt. Ik ben twee gezinnen kwijtgeraakt in Ferwerd. En dat op een bestand van 80 zielen… In één gezin… in één… alleenstaande dame kwijtgeraakt in Hallum. En ik ben één gezin kwijtgeraakt in Oude en Nieuwe Wiltzijl… En als je dan fietste… want wij als dominees toen fietsten… als je dan fietste tussen Ferwerd en Hallum… of naar Oude Wiltzijl ging… dan telde ik vaak… hoeveel houden we over… Want het was maar een klein getal… en het waren ‘aangevochten kerkjes’.  En ’t is nog een kleine kerk van Ferwerd-Hallumnóg! ’t Is nu zelfs één kerk geworden.

En dan fietste ik langs de grote synodale gereformeerde kerk van Ferwerd en langs de grote synodale kerk van Marrum en langs de grote synodale kerk van Hallum… en ga zo maar door daar in et Noorden… Als je er nu komt, dan is er van de synodaal gereformeerde kerk als ‘gereformeerde kerk’ in Ferwerd, in Hallum, in Oude Wiltzijl niets meer over. Totaal niets meer! En die kleine kerk die staat er nog! En die is nog aangevochten. Dat is… ja… waar ik mee afronden wil… Als je bij de Christus wilt horen… en bij zijn heerschappij… als Hij het hoogste adres is… en nu zonder… nu zonder ‘hoge komma’s’… als hij het hoogste adres is… dan blijven wij aangevochten kerken. Het is maar de vraag of wij willen schuilen bij zijn hart. Dan zijn vrijgemaakte gereformeerde kerken veilig! Dank u zeer!

 

Voor het laatst bijgewerkt op: 29-03-08